Organisaties die hun medewerkers regelmatig de kans geven om elkaar beter te leren kennen, doen het waarschijnlijk beter dan organisaties die daar weinig aandacht aan geven. De gezamenlijke lunch, het afdelingsuitje, de heidag en de gezamenlijke training leveren al snel veel meer op dan ze kosten. 

Het Amerikaanse bedrijf Gallup deed een meerjaren lopend intensief onderzoek (onder 80.000 managers) naar de vraag wat de beste managers doen op werkplekken waar veel medewerkers ‘engaged’ (bevlogen en betrokken) zijn. Eén van die (Q12) factoren bleek de vraag te zijn of je een “beste vriend” op het werk hebt.

Sommigen vinden die vraag controversieel. Niet zozeer de term ‘vriend’ is lastig maar hoezo nou een beste vriend? Veel respondenten bleken het lastig te vinden om exclusieve ‘beste’ vriend te kiezen op het werk. Even probeerde Gallup het ‘beste’ te verzachten tot ‘close’ of ‘goede’ vriend. Maar toen dat gedaan werd bleek de vraag niet meer in staat om de hoog-productieve van de middelmatig productieve werkplekken te onderscheiden. En daar was deze vraag nou precies voor bedoeld.

Huwelijkspartners, vrienden en kennissen komen vaak voort uit relaties op het werk. Geen wonder eigenlijk gezien het grote aantal uren dat medewerkers daar aanwezig zijn. De ontwikkeling van intensieve relaties is een belangrijke emotionele bijdrage die medewerkers ontvangen in hun werk en gezien Gallup’s onderzoek is die bijdrage er in hoge mate verantwoordelijk voor dat ze langer bij de organisatie blijven.

Opmerkelijk

Het hebben van een beste vriend op het werk bleek een indicator voor een aantal andere scores op de 12 vragen (Q12) die hoog-productieve (Hipo) werkplekken voorspellen. Ze bleek dat het hebben van een beste vriend op het werk:

  • een 43% grotere kans geeft dat men de afgelopen week een compliment of erkenning had gekregen voor het werk;
  • een 37% grotere kans geeft dat iemand op het werk zijn of haar ontwikkeling stimuleerden;
  • een 35% grotere kans geeft dat ze vinden dat hun collega’s ook kwaliteit leveren;
  • een 28% grotere kans geeft dat het laatste half jaar iemand op het werk met ze heeft gesproken over hun vooruitgang;
  • een 27% grotere kans geeft dat zij de missie van hun organisatie het gevoel geeft dat ze belangrijk werk doen;
  • een 27% grotere kans geeft dat ze het gevoel hebben dat hun mening op het werk er toe doet;
  • een 21% grotere kans geeft dat ze elke dag de mogelijkheid hebben het werk te doen waar ze goed in zijn.

De beste werkgevers erkennen dat de loyaliteit niet alleen naar ‘de organisatie’ gaat maar vooral ook naar de collega’s. De kwaliteit en diepte van deze relaties is van cruciaal belang. Iedereen heeft momenten dat hij of zij een andere baan overweegt. Dan telt dit aspect zeker mee. In deze tijden van verandering (reorganisaties, fusies en overnames) is het hebben van een beste vriend op het werk ook een positieve factor. Je krijgt welliswaar dezelfde stressprikkels langs, maar daar ga je veel beter mee om. Zo slagen verandertrajecten sneller en beter.

Tom Rath schrijft in zijn (geweldige) boek Vital Friends (2006): “…In totaal geeft slechts 30% van alle werknemers aan dat ze een beste vriend op het werk hebben. Wie zo fortuinlijk is tot die groep te behoren, heeft een zeven keer grotere kans om bevlogen en betrokken te zijn in zijn baan!”

Talentalskracht gebruikt inzichten uit dergelijk onderzoek bij het adviseren van topmanagement en HR en bij het vormgeven van trainingen en coaching. Deze blog is gebaseerd op een relatief oud artikel van Gallup uit 1999. De vraag over een beste vriend op het werk staat nog altijd in de Q12. 

Gratis e-book over jouw talenten

Laat je e-mailadres achter en krijg het gratis e-book over al jouw 34 talenten. En regelmatig een nieuwsbrief over Talent als kracht.

Dank je wel. Je e-book komt er aan.

Pin It on Pinterest

Share This